Zo vader zo zoon

Zuidoost Azië, een prachtig stukje van de wereld. Gastvrije volken, rijke culturen, prachtige natuurgebieden, relaxte stranden en overheerlijk eten. Dit alles vindt je hier overal voor ongelofelijk schappelijke prijsjes. Nou ja, overal? Bijna overal. De grootste uitzonderingen is het kleine staatje in het verre zuiden. Het staatje met een gelijknamige stad; de enige stad in het land. Ik heb het natuurlijk over Singapore. Je waant je hier in een westers land. Overal zijn wolkenkrabbers, de economie is booming, het verkeer georganiseerd, de stad gestructureerd en alle regeltjes overweldigend.
imageVoor een lowbudget reiziger als mij is Singapore bijna de ultieme uitdaging. Ik verblijf in de wijk Little India. De goedkoopste wijk van Singapore. De wijk is overbeladen met, hoe kan het ook anders, Indiërs. Het eten is hier gelukkig ook relatief goedkoop, al betaal je voor een Indiaas gerecht tien keer zoveel als dat je in India zou doen. Ik overleef mijn dagen op het gratis ontbijt van het hotel, instant noodles, een resterende zak Maleisische cornflakes en Indiase biriyani van een voedselhal. Mineraalwater is onwijs duur maar gelukkig is het leidingwater veilig om te drinken. Oftewel: flessen vullen!
Een andere belangrijke manier om geld te besparen is om mijzelf als een brave burger op te stellen. Ik lees mij dus eventjes in voor alle regeltjes. Alleen oversteken op de aangeduide oversteekplaatsen, niet door rood lopen of rijden, niet bij oranje beginnen met oversteken, geen dieren zoals duiven voeren, niet spugen, geen afval laten slingeren, niet in het openbaar alcohol consumeren, niet eten of drinken in het openbaar vervoer, geen fooien voor hotel- en restaurantpersoneel en zo kan ik nog wel even doorgaan. Een bekent woordgrapje is dan ook ‘Singapore is a fine city’. Een tweede is ‘SingaPoor’.

Ik breng één dag in mijn eentje door in de stad. Ik onderneem echter eventjes niks. In plaats daarvan maak ik dankbaar gebruik van de tablets van het hotel om mijn huiswerk te doen. Ik doe onderzoek naar Australië maar boek ook twee vluchten. De eerste van Singapore naar Bali en de tweede van Bali naar het Australische Cairns.
Helaas is mijn ontmoeting met Satya en Anita niet doorgegaan. We waren beiden te druk. Dat geeft ook niet, zo gaat dat nou eenmaal. We hebben in ieder geval mooie herinneringen samen van de Taman Negara.

imageDe volgende dag ga ik met de metro naar het vliegveld. Niet voor mijzelf natuurlijk! Ik vlieg pas over ongeveer twee weken naar Bali. Vandaag haal ik mijn vader van het vliegveld op. Hij komt mij voor tien dagen op zoeken. We gaan dus samen op avontuur! Ik heb er lang naar uitgekeken. De laatste keer dat ik hem gezien heb is bijna een jaar terug. Dat was toen hij voor vijf dagen naar Istanboel kwam.
Vaak krijg ik de vraag “Ben je tijdens je reis nou nooit eenzaam? Mis je Nederland niet heel erg?”. Eenzaam dat ben ik zeker niet, daarentegen ben ik wel vaak alleen. Daar zit een enorm verschil tussen. Of ik Nederland mis? Nee, in principe totaal niet. Het enige wat ik wel echt mis is mijn familie en vrienden. Ik mis daarnaast bepaalde momenten, zoals een kampvuur of barbecue in een Almeers stadspark met meer vlees dan iedereen op kan of een film- en gameavond tot diep in de nacht. Het feit dat ik nog geregeld door familieleden bezocht word maakt het voor wegblijven uit Nederland dan ook veel makkelijker. Zo’n bezoekje is een moment waar ik maanden naar uit kan kijken en achteraf jaren op terug zal kijken.

imageHet nieuwe vader en zoon avontuur is van start gegaan. We gebruiken Little India als thuishaven. Vanaf daar verkennen we alle plekjes van de stad. Onze verkenningstochten gaan te voet. We leggen telkens lange afstanden af en dat op slippers.
De eerste middag blijven we in Little India. We laten hier alle kenmerkende geuren en kleuren op ons inwerken. Op de straat worden bloemen en wierook verkocht. Cd-winkels verkopen Ganpati en Krishna mantra’s voor meditatie. Souvenirwinkeltjes verkopen koperen beelden van een dansende Shiva. Posters van Rama zijn deze week in de aanbieding. Het lijkt alsof de helft van alle panden bezet is door een restaurant wat biriyani, puri, parantha en thali op de menukaart heeft staan. Uit de elektronicazaakjes klinken de laatste Bollywood hits vanuit de speakers. Het gros van de vrouwen is gekleed in kleurrijke sari’s. Het is dat er geen vuiltje op de straat ligt anders zou je je haast écht in India wanen.

De tweede dag wijden we aan de verkenning van Chinatown. We hebben een late start gemaakt. Zo heb ik nog wat bureaucratische zaken kunnen regelen en heeft vaders lekker uit kunnen slapen. Dat laatste kon hij natuurlijk goed gebruiken nadat hij de voorgaande dag zijn nachtrust overgeslagen had. Een tempel blijkt al gesloten te zijn tegen de tijd dat wij daar aan kwamen wandelen. Eettentjes zijn natuurlijk allemaal nog open, zeker rondom een Chinese voedselmarkt. Daar drinken we even wat om de levendige straat te kunnen observeren.

Op het moment dat wij onze laatste wandeltour in Singapore beginnen trekt er een storm over de straten. De donder buldert al binnen één seconde nadat de bliksem de lucht heeft doen splijten. Als het hier losbarst dan barst het ook echt goed los. We lassen even een lunchpauze in want het gaat wel héél erg hard er aan toe. Zodra de borden leeg zijn is het weer opgeknapt. We zetten onze wandeling voort over de ondergelopen straat.
imageVoor vandaag staat het kapitalistisch centrum op het programma. Althans, dat is ons doel. Aangezien wij alles te voet afleggen brengen we eigenlijk meer tijd door in Little India, Chinatown en een stadspark.
Van te voren heb ik wat interesse punten op de kaart uitgestippeld. Zo komen we langs de meeste bezienswaardigheden. Al met al is de stad zelf de grootste bezienswaardigheid. Het is een onwijze multiculturele samenleving. Het is ook bijna niet voor te stellen dat vanaf vrijwel iedere willekeurige lokatie in de stad een indrukwekkende skyline van wolkenkrabbers te zien is.

Ik neem afscheid van Bandhoo en mijn bagage. Ik laat alles, op een rugzakje na, bij het hotel achter. We pakken de bus naar Maleisië. De komende week gaan we hier eens de boel op zijn kop zetten. We gaan beginnen op het populairste eiland; Pulau Tioman. Vanaf daar zien we wel verder wat we gaan doen.
De bus rijdt exact hetzelfde stuk waar ik enkele dagen gefietst heb. We gaan via Kota Tinggi naar Mersing vanwaar we een boot pakken naar het eiland. Herinneringen duiken telkens weer op “Kijk pap! Hier heb ik gekampeerd.” en “Als je hier goed oplet kan je héél veel apen zien”. We hebben geen enkele aap gezien. De bus dendert veelte snel. Er is niks mis met een praktische busrit maar wat ben ik blij met de keuze van mijn eigen onafhankelijk vervoer, de trouwe tweewieler in Singapore.
In Mersing zoeken we naar de haven. Zodra we deze gevonden hebben zijn we letterlijk op het nippertje. Haastig kunnen we een kaartje kopen, de ferry wordt ondertussen voor ons tegen gehouden en nog maar net springen we tijdig aan boord. Het was een lange dag; vele uren in de bus, overstappen, pinautomaten, busstations en de haven zoeken en dan natuurlijk nog de lieve glimlach sessie bij de immigratie. Toch heeft de vermoeiende reisdag zijn vruchten afgeworpen. We zijn aangekomen op Tioman! “Highfive pap!”.
imageWe lunchen rond etenstijd bij een restaurantje in het dorpje Genting. We kunnen wat eten goed gebruiken want wat zijn we gaar zeg. Daarna wandelen we richting het zuidwesten. Locals vragen ons verschillende keren waar we naartoe gaan. We zijn onderweg naar Nipah, een dorpje in het verre zuiden van het eiland. Het schijnt een prachtig strand te hebben en is naar verluid één van de mooiste snorkellokaties van Pulau Tioman.
De locals waarschuwen en adviseren ons om niet op dit tijdstip naar Nipah te lopen. Het is een gevaarlijk pad door de jungle. Er is ook geen ziekenhuis in de buurt voor het geval dat er iets fout gaat. We nemen even een kijkje maar kunnen de trail al helemaal niet vinden. Het lijkt ons dan ook een uitstekend plan om vanavond lekker in Genting te overnachten in een bungalow aan het strand. Nipah, dat komt morgen wel.
imageZo is het dan ook maar net. Na het ontbijt hebben we de spullen gepakt en zijn op zoek gegaan naar de trail. Deze bleek verscholen achter een klein strandhuisje te zitten. Het pad volgt de kust min of meer maar gaat door de jungle. Soms moet er wat geklauterd worden, benen worden bezeerd, hoofden tegen rotsen gestoten maar binnen een uurtje hebben we Nipah bereikt.
Via het terrein van een ressort lopen we naar de haven toe. Hier kan namelijk ingecheckt worden. We worden behoorlijk verrast door de hoofdprijs van 150 euro per nacht. Dat gaan we natuurlijk niet doen!
We moeten dus weer terug naar Genting lopen.
imageDit doen we niet voordat we gedaan hebben waarvoor we zijn gekomen. We zijn hier immers niet voor de overnachting maar voor het snorkelen en het strand. Net buiten het privé terrein van het ressort situeren wij ons op het strand. Vaders heeft vanuit Nederland een snorkelset meegenomen waar wij om de beurt dankbaar gebruik van maken. Vanaf een meter of 100 van het strand begint het koraal. Roze en oranje tinten overheersen de zeebodem. Vissen zijn overal in alle kleuren te zien. Het gebeurd ook regelmatig dat een school gezellig een stuk mee zwemt.
Zodra we uitgesnorkeld zijn lopen we via de jungle trail terug naar het dorp waar wij de dag gestart zijn. Daar eenmaal aangekomen vragen we bij een ferry of deze naar het meest noordelijke plaatsje, Salang, gaat. Dat gaat hij niet en op dat moment vaart hij dan ook de haven uit. Wanneer wij informeren naar de vertrektijden vertelt een man ons dat wij de ferry moesten hebben die nu net wegvaart. Kennelijk moesten we voor Salang overstappen in Tekek, het centraal gelegen en grootste dorp van Pulau Tioman. Als ze dat nou even aan boord gezegd hadden.
imageAlles gebeurd met een reden en zo ook vandaag. Een bevoorradingsboot meert net aan bij de steiger. Mijn vader vraagt de bemanning of zij naar Salang gaan. Dat is het geval. Wel kan de rit lang duren want ze stoppen bij elke tussengelegen haven om spullen af te leveren. Enkele minuten later zitten we op de boeg van de compleet afgeladen boot en zien Genting achter de groene heuvels van de baai verdwijnen.
We zijn niet de enige aan boort. Naast ons zitten Adriana en Sam. De twee zijn afkomstig uit Colombia. Ze studeren in Kuala Lumpur, althans; Adriana studeert, Sam is zojuist afgestudeerd. Het is gezellig zo met zijn viertjes aan boord. Wat zou het een gemis zijn geweest als we de ferry hadden genomen. Er ontstond nog even twijfel om halverwege de rit, bij Tekek, aan land te gaan. We hadden het echter zo naar onze zin dat we de twee Colombianen uitgezwaaid hebben en door zijn gevaren naar Salang. Bij de haven van het zogenoemde dorp ABC besluiten we de bemanning een handje te helpen. We steken even onze armen uit de mouwen en helpen bij het uitladen van gasflessen. Wanneer wij weer verder varen is het inmiddels donker geworden. Niet heel veel later meren we aan bij de steiger. Salang, we hebben het gehaald!
Terwijl wij op zoek zijn naar accommodatie worden wij vergezeld door een aantal andere backpackers. Met zijn vijven speuren wij rond met een Tiger biertje in onze hand. Één van de Franse jongens was zo vriendelijk te trakteren. Al snel hebben wij allemaal goede deals te pakken voor bungalows.

De eerste dag in Salang hebben wij genoten van het leven onder de golven. We hebben het snorkelsetje goed en dankbaar gebruikt. Een kano op het strand inspireerde mij voor een activiteit van de volgende dag. Paps stemde er mee in en zo paddelde wij de volgende ochtend de baai uit. In een tas hebben wij eten en drinken gepakt. Uiteraard zijn wij niet zonder snorkel vertrokken.
imageBij een klein eilandje net uit de baai, welke goed te zien is vanaf Salang beach, glij ik voorzichtig uit de kano. Er is geen plek om aan te meren dus mijn vader blijft in de kano zitten. Telkens wanneer ik naar de bodem probeer te duiken zit iets mij dwars. Ik kom niet goed omlaag en wanneer ik eenmaal op de bodem ben moet ik al snel omhoog omdat mijn zuurstof op is. Waarom gaat alles zo stug vandaag? Plots realiseer ik mij dat ik mijn reddingsvest nog aan heb. Tsja, dan gaat duiken lastig natuurlijk. Wanneer ik op de vissen en het koraal uitgekeken ben klim ik de kano weer in. Voorzichtig, want de kano moet natuurlijk niet omslaan.
imageWe paddelen door naar een klein privé strandje. Op het strand zijn voetsporen van apen te zien. De makers hiervan zijn echter nergens te bekennen. Dit keer is blijf ik op het droge terwijl mijn vader het leven in de Zuid zee bewonderd. Enthousiast komt hij terug “Ik heb een haaitje gezien! Volgens mij staat hij ook nog op de foto.”. We kijken de foto’s na. Inderdaad, hij heeft het haaitje mooi op de foto weten te zetten.

image

Tijd om weer verder te gaan. We paddelen door naar de volgende baai, bekend onder de naam Monkey bay. Hier is een lang strand. In het midden staat een verlaten vissershut. Het strand kan middels een jungle trail van drie kilometer vanaf Salang bereikt worden. De makkelijkste manier is per boot, of in ons geval per kano. Wanneer wij op het strand aankomen zijn er vier meiden. Hoe is het mogelijk? Zes nederlanders op een verlaten strand. Je vindt ze ook overal die Hollanders. Bij Monkey bay relaxen we even, genieten van een lunch en verkennen de zeebodem. Uiteindelijk is het weer tijd om verder te gaan. Waar zullen we nu eens heen gaan? “Hey pap, kijk daar in de verte. Net voorbij de kust daar in de horizon ligt een eilandje. Zullen we daar heen gaan?”. Pap stemt in. Zo beginnen we aan een lange trek. We zijn nog net niet ver genoeg van de kust om te zeggen dat we ons op open zee bevinden maar veel scheelt het niet. Onder de hoger wordende golven schieten scholen van duizenden vissen voorbij. Zo nu en dan komt er een vliegende vis uit het water gelanceerd en zeilt door de lucht. In de verte passeren wij de havens van ABC en Tekek. Wanneer wij een eilandje een slag dichterbij zien liggen besluiten we daar heen te gaan; we voelen onze armen behoorlijk na een lang stuk aan één stuk door gepaddeld te hebben. Het eilandje schuilt onder de naam Rensing island. Beiden stappen we uit de kano.
imageIk ben bezig om de kano tussen de rotsen vast te maken. Ineens hoor ik mijn vader enthousiaste kreten uitroepen. “Wow! Er zwemmen overal vissen om mij heen!” roept hij. Eenmaal de kano goed vastgelegd doe ik de duikbril op en loop door het water zijn richting op. “Wow! Het zijn er echt ongelofelijk veel!” roep ik in extase nadat ik mijn hoofd weer boven het water uit heb gestoken. We worden gestalkt door honderden vissen. Sommige zijn zelfs zo brutaal om een hap te nemen van onze buik, rug, benen en armen. Rensing is een wonderbaarlijke snorkelspot. Er is koraal te zien maar wie let daar nou op terwijl er overal vissen om je heen zwermen? De lange kanotocht hier naar toe was het bikkelen volledig waard.
Zodra we uitgesnorkeld zijn en de spieren weer tot rust zijn gekomen is het tijd voor de terugtocht. De pakweg acht kilometer moeten we weer terug paddelen. We wisselen van positie, de tweede helft zit ik voor. De eerste mijlpaal is de vuurtoren. Vanaf dit punt had ik eerder het eilandje gespot. In een rechte lijn varen we op het hoekje van de baai af. Hoe dichtbij de vuurtoren ook lijkt te zijn hij blijft ver weg. Naast het bikkelen genieten we van het moment. We speuren de horizon af naar ver afgelegen eilanden. Af en toe springt er een vliegende vis op uit de diepte van de zee. Ook vertel ik wat over mijn ambities om ooit de oceaan over te willen paddelen. Vaders moet niet aan het idee denken om langer dan een dag in een kano te zitten. Al eenmaal in de kano op de zee ziet hij er volgens mij ook wel ergens de charme van in.
We bereiken uiteindelijk de vuurtoren. De volgende mijlpaal is Monkey bay. Daar aangekomen vraag ik of het geen tijd is voor een rustmomentje. Dat is niet zo nodig, we trekken dus direct door naar de volgende mijlpaal: het eilandje uit de baai van Salang. Vanaf hier is het een eitje naar het strand. Eigenlijk bleek alles een eitje toen wij eenmaal de vuurtoren bereikt hadden.
Terug op het strand aangekomen brengen we de spullen terug. Dit is dan ook het laatste wat we doen. Het was een inspannende tocht, we hebben wel een rustdagje verdient. Zo spenderen we de opvolgende dag in een kilometer radius tussen het strand, het koraal, restaurantjes en ons hotel. Verdiende rust op dit paradijsje.
imageOp een zeker moment worden we gewaarschuwd. “Willen jullie een schildpad zien?” vraagt een vrouw. Op het strand is een schildpad onderweg terug naar de zee. Kinderen belagen het arme dier. Hij wordt gepoked, vastgepakt en van alle kanten gefotografeerd. Uiteindelijk tilt pap hem op en brengt hem terug de zee in. Hier wordt hij nog even door iedereen tegen gehouden voor een laatste afscheidsknuffel. Het schijnt heel zeldzaam te zijn dat schildpadden zo dicht bij het dorp aan land gaan. Ik denk niet dat deze schildpad nog snel terug zal komen. Het arme beestje zal zo gestrest zijn geweest dat het mij niet had verbaasd wanneer hij spontaan het loodje zou hebben gelegd. Natuurlijk is het leuk om een schildpad te zien maar het beestje had wat beter beschermd moeten worden tegen het enthousiasme van iedereen.

Inmiddels geloven we het wel met Salang, we hebben hier echt enorm genoten. Beiden zitten we alleen niet zo graag stil. Zo vader zo zoon. Wanneer we iets gezien hebben verplaatsen we ons liever even om zo opnieuw op verkenning te kunnen. Voor onze nieuwe bestemming hebben we Tekek in ogen. Een nieuw strand, nieuw dorpje, nieuwe snorkellokaties maar dit keer met Rensing islands in de buurt. Per speedboat scheren we over de Zuid zee. Het is even een ongelofelijk idee dat we in enkele minuten de afstand afleggen die ons eerder dik een uur heeft gekost.
We besluiten een stuk op de wandel te gaan. Het liefst vinden we een hotel direct tegenover Rensing. Eenmaal in de buurt daarvan gekomen is er slechts één resort. Een mega resort. Tennisbaan, golfbaan, fitnesscentrum, zwembad en niet te vergeten vier beveiligers voor het hek bij de ingang. Navraag bij de receptie lijkt mij overbodig, dit past onmogelijk in het budget. Ik zou mij er dan ook niet goed bij voelen om in een hotel te verblijven wat per nacht ongeveer zo veel kost als waar ik twee weken van zou kunnen reizen. Dat is wel heel erg uit proportie. We lopen de vier kilometer dus maar weer terug naar het dorp. Onderweg passeren we een grote apenfamilie. Uiteindelijk verblijven we in een bungalow, 200 meter van het strand. Helemaal goed zo!
Wanneer we het water in duiken is het een beetje een teleurstelling. We hebben de afgelopen dagen al zulke mooie plekjes gezien dat het handjevol vissen wat hier zwemt nog maar weinig indruk maakt. Het dorp zelf is ook een stuk drukker. Relatief heel veel verkeer, er zijn werkzaamheden en de sfeer is niet zo ontspannen als op andere plekken. Toch zijn we blij hier te zijn, het gaat immers ook om het totaalplaatje van onze eiland verkenningstocht. We zijn het er wel over eens dat we hier nier perse langer willen blijven. Zodoende bespreken we onze mogelijkheden. De tijd is al zó hard gegaan dat een ander eiland of een plek op het vasteland niet zinnig is. We moeten dus kijken wat er nog te doen is op Pulau Tioman. Ons oog valt op het enige plaatsje in het oosten; Juara.
We hebben enkele mogelijkheden om bij Juara te komen. We kunnen een taxi nemen, we kunnen fietsen of een scooter huren en zelf rijden, we kunnen per boot of we steken te voet de jungle over naar de andere kant van het eiland. Al snel vallen alle puzzelstukjes samen, we gaan door de jungle!

Met alle bagage lopen we op onze slippers over de jungle trail. De trail loopt recht naar een gigantische heuvel, het lijkt er op dat het een aardige klim zal gaan worden. De luchtvochtigheid ligt vele malen hoger dan aan het strand. Het is bijzonder hoe snel het klimaat veranderd op een enorm korte afstand.
imageWanneer we even ergens rusten merk ik wat afval op. Hoe bizar het ook is; midden in de jungle vind ik een binnenband van een fiets. Dat komt uitstekend van pas! Mijn vader loopt met een koffer en een plastic tas. De plastic tas blijft continu verschuiven. Met de binnenband kunnen we die mooi stevig om de koffer klemmen. Daarnaast vind ik ook nog een lege cementzak. Dat is toevallig! Die heb ik namelijk zelf nodig voor wanneer ik volgende week in het vliegtuig stap. Het was een productief rustmomentje, uitgerust en met betere uitrusting gaan we weer verder. De koffer blijkt toch een aardige last te zijn. Deze dragen we omstebeurt om de tocht leuk en dragelijk te houden.
We komen op mooie plekjes. Het is een ongelofelijke afwisseling ten opzichte van de kust. imageEenmaal op de afdaling van de heuvel bevindt zich een zijpaadje. We volgen het paadje en komen bij een waterval uit. In de poel zwemt een groepje Maleisiërs. We wachten niet lang om hun te vergezellen. Het water is heerlijk en vooral heerlijk koud. Dit is echt precies wat we nodig hadden. Heerlijke verkoeling!
imageDe duik bij de waterval deed ons energiepijl weer stijgen tot de volle honderd procent. Als herboren lopen we de heuvel verder af naar beneden om zo bij Juara uit te komen. In een rechte lijn lopen we naar het strand. Hier eenmaal voet op gezet belanden we in de volgende extase. “Dit is fantastisch! Kan je geloven hoe mooi dit is?!” roepen we uit. Het is veruit het mooiste strand van het eiland wat we ontdekt hebben. We speuren aan de hand van de kleur van het water naar de beste snorkelspot. “Dáár! Daar in het zuiden bij de rotsen!”. We zijn het met elkaar eens, daar gaan we op zoek naar onze accommodatie.
“Zijn jullie komen lopen?” vraagt de man bij de receptie. “Ja, klopt inderdaad. Super mooie tocht zo door de jungle!” antwoord ik. De man glimlacht en wilt ons naar de bungalow begeleiden. Dan valt zijn oog op de koffer die mijn vader achter zich aan rolt. “Jullie zijn komen lopen met dat?!” roept hij verrast uit.
imageWe hebben een fantastische plek. Onze bungalow is een strandobject. Vanaf onze veranda hebben we prachtig uitzicht. We kunnen zo van ons huisje de zee in rollen. Ik rol als eerste met duikbril en flippers het water in. Wanneer ik iets later het water uit stap haast ik mij naar mijn vader. “Dat was ongelofelijk! Ik heb vier roggen gezien!” roep ik enthousiast uit. Mijn vader heeft tijdens zijn snorkelsessie minder geluk. Dan probeer ik het nog eens. Ik speur in plaats van het koraal vooral het zand af aangezien de roggen daar te vinden zijn. Ik heb dit keer ook niet veel geluk bij het spotten van de roggen. Ik dwaal steeds dieper af de zee in. Plots denk ik een rog te zien. Wanneer ik goed kijk zie ik echter dat het een zeeschildpad is. Snel duik ik tot een diepte van ongeveer acht meter naar beneden en zwem zo ver als mijn longen het toelaten met de schildpad mee. Ik maak foto’s en een filmpje. Wanneer ik het wel geloof staak ik de achtervolging en zo zie hem in de verte verdwijnen achter de blauwe waas van miljoenen liters zoutwater.

image

imageEen nieuwe dag met nieuwe kansen is aangebroken. Dit keer duikt mijn vader als eerste het water in. Ook hij komt net zo enthousiast terug als dat ik de voorgaande dag was. Hij heeft wel zeven roggen gezien, misschien nog wel meer!
Overdag blijken de roggen in veel grotere getallen op de bodem van de zee te liggen. Door de hoogstaande zon zijn ze perfect zichtbaar en ze zijn werkelijk overal. De één is nog groter dan de ander, geregeld zijn ze van staart tot snuit zelfs langer dan een anderhalve meter.

image

Juara heeft zich als een perfecte laatste halte bewezen voor ons eilandverblijf. De tocht om hier te komen was een mooie ervaring en goede afwisseling, het strand is werkelijk waar een paradijs, de roggen met de schildpad waren de kers op de taart van de snorkelervaring en het eten, nou, dat is net zo overheerlijk als overal op het eiland.

De laatste ochtend op Pulau Tioman is aangebroken. Met een taxiservice laten we ons terug naar Tekek rijden. Daar komen we tot de ontdekking dat we op het verkeerde tijdsschema van de ferry gekeken hebben. In plaats van één uur moeten we nu zo’n zes uur wachten. Dat is ook weer niet zo’n ramp. Morgenmiddag vliegt mijn vader terug naar Nederland. We hebben in principe dus zat tijd.
Beide hebben we genoeg gezwommen en gesnorkeld. Een luierdagje op het strand is alles wat we op het moment verlangen. We kopen wat snacks in en verdwijnen in de schaduw van een boom in onze boeken.

Terug op het vasteland staat ons de volgende uitdaging te wachten. Er rijden geen bussen meer. Over twee uur vertrekt er een minibusje en de andere oplossing is een taxi. Mijn vader maakt graag, voor het comfort, gebruik van deze laatste optie. Het is nog even een lange rit maar uiteindelijk worden we bij de grensovergang afgezet.
De vragen op het immigratieformulier vul ik iets te gemakkelijk in. Uitgerekend krijg ik allemaal vragen ter verificatie van de ingevulde informatie. Gelukkig kom ik alsnog makkelijk de grens over.
Dat brengt ons bij de laatste stap. Bij het busstation staat een enorm lange rij met honderden wachtende mensen. Het is onduidelijk op welke bus iedereen wacht maar we sluiten ons maar aan. Continu stappen mensen de rij uit om een willekeurige bus in te stappen. Wat is hier gaande? Ik merk dat ik goed gesloopt ben na de lange dag; ik volg het allemaal eventjes niet meer. Uiteindelijk stappen ook wij de rij uit om een bus in te stappen. Deze zet ons in de buurt van ons hotel af waar wij eerder al verbleven.
imageIk ben helemaal gesloopt maar het is een relaxed idee om nu al in Singapore te zijn; hoeven we morgen niet te haasten. En ohja mijn maatje, Bandhoo, stond nog geduldig op mij te wachten.

Ik heb als een roos geslapen. Even de spullen inpakken, samen ontbijten en op naar het vliegveld. De afgelopen tien dagen waren onvergetelijk. Vader en zoon op avontuur. We hadden beiden een bepaald idee voor ogen om verschillende plaatsen te bezoeken. In plaats daarvan hebben we ons volledig op Pulau Tioman gestort. Wat een prachtige plek met een enorme diversiteit. Het waren hele ontspannende dagen waarbij we ons geregeld flink hebben ingespannen. Alles echter op een ontspannen manier. In mijn ogen hebben we echt het beste uit onze tijd samen gehaald. Het mooiste van alles is natuurlijk om zo samen te zijn en een nieuwe bijzondere ervaring te delen.
Mijn vader heeft bij de checkin zijn boardingpas gekregen. We kletsen nog wat en dan breekt het onvermijdelijke moment aan. We geven elkaar een stevige knuffel. Hij draait zich om en loopt naar de douane. Ik kijk toe hoe mijn vader zich bij de rij aansluit. Tot slot keer ik mij met een brok in de keel om. Daar gaat ‘ie met z’n tassie, denk ik bij mijzelf. We staan er weer alleen voor.

image

Bedankt voor alles pap, het was een super tijd zo samen!

Laat me weten of je het artikel leuk vindtShare on Facebook0Tweet about this on TwitterShare on Google+0Share on LinkedIn0

3 thoughts on “Zo vader zo zoon

  1. ronald says:

    Wat heb je dat mooi beschreven, Jim … ja, ik herken alles. Het was mooi samen, en samen hebben we het mooi gemaakt. Ik ben trots op je !!!

  2. Elly says:

    Hoi Jim,
    Wat onwijs leuk dat je zo’n geweldige tijd met papa gehad hebt.
    Heerlijk om op zo’n prachtige eiland lekker te snorkelen en te genieten.
    Prachtige onderwater foto’s trouwens!!
    Hel veel liefs dikke knuffel

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *